Parlementariër Mike de Meza heeft toegelicht dat zijn amendement gericht is op het corrigeren van een rechtssysteem dat volgens hem niet te rechtvaardigen is en een discriminerende situatie creëert op basis van artikel 39 van het Statuut voor het Koninkrijk.
De Meza gaf aan dat, hoewel de invoering van het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden de constitutionele rechten van de zes Caribische eilanden al erkent, deze juridische bescherming niet op dezelfde manier wordt toegepast op ministers en leden van het parlement op de Caribische eilanden als op politici in Nederland.
Volgens de Meza leidt het ontbreken van een gelijke toepassing van de wet tot juridische ongelijkheid die niet houdbaar is binnen een democratische en constitutionele context van het Koninkrijk der Nederlanden. De parlementariër benadrukte dat zijn amendement van fundamenteel belang is om rechtvaardigheid en uniforme juridische bescherming voor alle Caribische eilanden van het Koninkrijk te herstellen.
Desondanks wordt het amendement van Mike de Meza niet ondersteund door zijn eigen fractie, zijn AVP-collega’s. Het is duidelijk dat Mike de Meza niet langer als onderdeel van AVP wordt beschouwd en zelfstandig handelt, vanuit zijn eigen principes en normen. De overige AVP-leden worden gezien als bezwijkend onder angst om hun principes te verdedigen en/of hun politieke zetels te verliezen, ondanks hun eed om te werken aan het welzijn van Aruba. In plaats daarvan geven zij toe aan een regering die wordt omschreven als een zwakke en instabiele coalitie zonder onderling vertrouwen.
