Een onafhankelijke commissie heeft de resultaten gepresenteerd van de evaluatie van de “Onderlinge Regeling” (het hervormingspact tussen Nederland en Aruba) die het Landspakket omvat. De resultaten van de evaluatie tonen aan dat Aruba goede inspanningen levert om haar zaken op orde te krijgen, maar dat deze hervormingen nog in de praktijk moeten worden gebracht voordat de burger de verandering in het dagelijks leven kan voelen.
Wat zegt het evaluatieresultaat over Aruba?
Aruba heeft de regie: Van de drie Caribische landen is Aruba degene die heeft laten zien de beste regie en het meest stabiele overzicht over de projecten te hebben.
Veel plannen, gebrek aan uitvoering: Er zijn veel beleidsplannen op papier gezet, maar zeer weinig projecten zijn volledig afgerond. De meeste hervormingen moeten in de realiteit nog structureel gaan functioneren.
Tekort aan mankracht: Het grootste obstakel op Aruba is het tekort aan gekwalificeerd personeel binnen de overheid en een gebrek aan experts om de nodige wetgeving te schrijven. Hierdoor lopen veel veranderingen vertraging op.
De commissie onderstreept dat de werkzaamheden in een tijd van spanningen zijn begonnen: Deze regeling is ontstaan tijdens de COVID-19-crisis toen Aruba geld nodig had. Het aanvankelijke gebrek aan vertrouwen zorgde voor spanningen, maar inmiddels verloopt de samenwerking in wat rustiger vaarwater.
Wat adviseert de commissie voor de toekomst?
Zij adviseren om de regeling met 2 jaar te verlengen (tot april 2029) om het werk af te maken, aangezien grote hervormingen veel tijd in beslag nemen. Om deze reden is het beter om de lijst korter te maken; in plaats van twintig dingen tegelijk te willen veranderen en alles halverwege achter te laten, moet Aruba keuzes maken en zich uitsluitend focussen op de meest urgente structurele hervormingen en deze goed uitvoeren.
Daarnaast adviseren zij om de middelen die Nederland via de TWO (Tijdelijke Werkorganisatie) beschikbaar stelt, te gebruiken om de wetgevingsafdelingen te versterken, zodat de veranderingen sneller kunnen worden doorgevoerd. Wat betreft transparantie is de commissie van mening dat het Parlement meer openheid moet krijgen over het geld en de voortgang, zodat het volk precies weet wat er gebeurt.
Conclusie
Tot slot is Parlementslid Tromp-Lee van mening dat er beter onderhandeld moet worden en dat er een einde moet komen aan de zogenaamde “vinkjescultuur”, waarbij Nederland zich opstelt als een schooljuf die louter een lijstje afvinkt om te kijken of Aruba haar huiswerk heeft gedaan. Het parlementslid blijft benadrukken dat er een gelijkwaardige, echte en structurele samenwerking moet komen tussen beide landen. Nederland heeft er immers ook baat bij dat Aruba sterk en structureel stabiel is; wanneer Aruba structureel gezond is, is het gehele Koninkrijk veiliger en meer in balans.
