Don Ceder, Tweede Kamerlid voor de ChristenUnie, heeft zijn zorgen geuit over het voorstel voor de Rijkswet op het Hof van Rechtshandhaving (HOFA). Tijdens een gesprek met de Arubaanse politieke partij PPA (Eduard Pietersz) benadrukte Ceder dat de democratische legitimiteit van de Staten van Aruba niet in gevaar mag komen door interventies vanuit de Rijksministerraad.
Hoewel de definitieve tekst van de wet de Tweede Kamer nog niet heeft bereikt, volgt de ChristenUnie de ontwikkelingen rondom HOFA op de voet. De kern van de discussie is de vraag of deze nieuwe rijkswet geen te grote inbreuk vormt op het budgetrecht van het Arubaanse parlement. “Wij vragen ons af of dit de legitimiteit van het parlement om de begroting vast te stellen niet te veel aantast,” verklaarde Ceder. Volgens het Kamerlid is het essentieel dat Aruba de regie over de eigen financiële kaders behoudt.
Naast de inhoudelijke bezwaren is er ook kritiek op de gevolgde procedure. Er zijn signalen dat de communicatie tussen de regering van Aruba, het parlement en de Rijksministerraad (RMR) stroef is verlopen. Ceder beloofde deze signalen serieus te nemen zodra het debat in Den Haag begint.
“Wanneer we een wet behandelen, bespreken we alles: de inhoud, maar ook het proces. Voor ons is het essentieel dat de juiste democratische wegen worden bewandeld,” legde Ceder uit.
Het Nederlandse parlementslid wacht momenteel op de definitieve tekst en het bijbehorende advies van de Raad van State. Pas op basis van die documenten zal de ChristenUnie een finaal oordeel vellen. Ceder vraagt zich openlijk af wat de huidige urgentie van deze rijkswet is en of de gestelde doelen niet op een minder invasieve manier kunnen worden bereikt.
Ondanks de kritische vragen over de rijkswet, sprak Ceder met lof over de relatie tussen Nederland en Aruba. Hij omschreef de band als “hartelijk” en prees de economische zelfstandigheid die het eiland sinds zijn Status Aparte heeft opgebouwd.
“Aruba heeft na de zware klap van de COVID-pandemie getoond hoe veerkrachtig de bevolking is,” aldus Ceder. Hij onderstreepte dat het zijn verantwoordelijkheid is om bij elk wetgevingstraject de specifieke context en belangen van Aruba zorgvuldig mee te wegen. Hij sloot zijn boodschap aan het eiland af met een hoopvolle groet: “Weet dat wij vanuit de Tweede Kamer proberen te denken in het belang van Aruba, en ik hoop Aruba spoedig weer te kunnen bezoeken.”
