NederlandDutch

Nederlands Parlement vraagt duidelijkheid over de stem van Aruba in nieuwe delegatiewet

Tewwdekamer

De vaste commissie voor Koninkrijksrelaties van de Tweede Kamer heeft een verslag uitgebracht waarin zij vraagtekens zet bij het gebrek aan informatie over het standpunt van Aruba, Curaçao en Sint Maarten in het voorstel voor de “Rijkswet delegatiegrondslagen”. Verschillende politieke fracties luiden de noodklok omdat, hoewel de wet tot doel heeft het ‘democratisch deficit’ te verkleinen, het huidige document niet uitlegt of er daadwerkelijk consensus was tussen de landen.

De wet in kwestie (36 910 / R2218) heeft tot doel de nodige wettelijke basis te creëren voor enkele Algemene Maatregelen van Rijksbestuur (AMvRB) die op grond van artikel 38 van het Statuut van kracht moeten blijven. Hoewel de wet zelf geen inhoudelijke wijzigingen in de bestaande regels voorstelt, heeft het proces om tot deze wet te komen veel vragen opgeroepen bij de parlementaire fracties in Nederland.

Vragen over de participatie van de Caribische landen

Verschillende fracties gaven aan onvoldoende informatie te hebben over de wijze waarop de Caribische landen zijn betrokken:

  • VVD-fractie: Heeft de Nederlandse regering formeel verzocht om uit te leggen in welke mate Aruba, Curaçao en Sint Maarten betrokken waren bij het opstellen van deze wet en wat hun concrete reactie was.
  • GroenLinks-PvdA-fractie: Leverde kritiek op het feit dat in de officiële documenten niet wordt vermeld hoe de andere drie landen tegen deze wet aankijken. Voor deze fractie is dit fundamenteel, aangezien de wet voortvloeit uit een wijziging van het Statuut die juist tot doel had het “democratisch deficit” te verkleinen.
  • Eisen voor transparantie: GroenLinks-PvdA onderstreepte dat de essentie van het democratisch deficit is dat de Caribische landen vaak onvoldoende invloed hebben op Rijkswetten. Daarom eisen zij te weten of er een reële consensus bestaat tussen de landen over de in de wet genoemde “consensus-AMvRB”.

Andere standpunten in de Kamer

Ondertussen gaven andere fracties zoals het CDA en de ChristenUnie aan met interesse kennis te hebben genomen van het voorstel en, in hun geval, geen verdere inhoudelijke vragen meer te hebben, aangezien het creëren van deze wettelijke grondslagen noodzakelijk is.

Tot slot vroeg de VVD-fractie om meer duidelijkheid over het onderdeel “wijziging en beëindiging” van de wet, specifiek of dit verband houdt met het “Schepenbesluit 2004”, een technisch punt dat nog door de desbetreffende minister moet worden opgehelderd.

De commissie concludeerde dat de openbare behandeling van deze wet kan worden voortgezet, maar onder de strikte voorwaarde dat de regering eerst al deze vragen naar tevredenheid beantwoordt. Dit opent de deur naar een debat waarin de vertegenwoordigers van Aruba (de Gevolmachtigde Minister) een rol zouden kunnen spelen om het standpunt van ons eiland naar voren te brengen.

Klick en lees meer

Tweedekamer Hulanda Verslag

Related posts

Parlementariër Rocco Tjon: Op basis waarvan concludeert ATIA dat de Rijkswet gunstig is voor Aruba?

EA News Author

Nederland en Aruba organiseren Klimaatconferentie op Aruba

EA News Author

Project Lang Leve(n) het Erfgoed: Ons cultureel erfgoed in beeld.

EA News Author

Leave a Comment

Whatsapp Message