In het kader van het bezoek van de Arubaanse parlementaire delegatie aan Nederland heeft parlementslid Shailiny Tromp-Lee een positieve evaluatie gegeven van de bijeenkomsten die zijn gehouden met leden van de Raad van State. Volgens Tromp-Lee sluiten de resultaten van het meest recente advies van dit orgaan perfect aan bij het standpunt dat de MEP-fractie en de coalitie hebben ingenomen in het juridische en constitutionele debat.
Tromp-Lee begon met het uiten van haar volledige tevredenheid over de ontvangst en het niveau van de bijeenkomsten in Den Haag. “We zijn zeer tevreden over de ontmoeting die we hebben gehad met de leden van de Raad van State,” verklaarde het parlementslid, waarbij ze aangaf dat de bijeenkomst diende om formele duidelijkheid te verschaffen over de zwaarstwegende kwesties die spelen tussen Aruba en Nederland.
Voor het parlementslid is het centrale punt van het nieuwe advies dat het juridisch bekrachtigt dat de lening en de voorwaarden die Nederland via de Rijkswet stelt, een directe beperking vormen voor de financiële autonomie van Aruba.
Tromp-Lee benadrukte dat dit geen persoonlijke interpretatie is, maar een structurele conclusie die de zorgen rechtvaardigt die door het volk en de politieke partijen op Aruba zijn geuit. “Het advies van de Raad van State is een structurele bevestiging van waar wij als MEP-fractie, samen met de coalitie, formeel voor hebben gepleit,” onderstreepte zij. “Dit advies geeft ons de formele juridische basis om aan te tonen dat de zorgen van Aruba gegrond waren en nog steeds zijn.”
Een ander cruciaal aspect dat Tromp-Lee naar voren bracht, is het gebrek aan technische duidelijkheid over de herfinanciering van de leningen. Volgens het parlementslid heeft het adviesorgaan (Raad van State) zelf aangegeven dat er in de door Nederland gepresenteerde documenten geen duidelijke of vanzelfsprekende specificatie staat van welke structurele leningen wel en welke niet geherfinancierd zullen worden.
Dit gebrek aan transparantie verzwakt de presentatie van de cijfers die eerder op Aruba door de betrokken ministers is gedaan. De basis van die cijfers wordt hierdoor als onvolledig bestempeld, aangezien het hoogste adviesorgaan in Nederland deze details zelf nog niet geformaliseerd heeft.
Tot slot betreurde het parlementslid dat sommige media, waarbij zij specifiek het portaal Koninkrijksrelaties noemde, de aandacht probeerden af te leiden of het advies buiten de werkelijke context hebben gepubliceerd, door te beweren dat de Raad van State geen bedreiging voor de autonomie zag.
Tromp-Lee bevestigde dat de Arubaanse delegatie verenigd staat in deze verdediging en bedankte de leden van de Raad van State voor hun eerlijkheid en voor de open ruimte om alle cruciale punten te verduidelijken. Nu, zo concludeerde zij, zal het definitieve debat gewogen en formeel beslist moeten worden waar het thuishoort: in de schoot van het Parlement van Aruba.


