Tijdens de eerste ronde van de openbare vergadering over de situatie in het Korrectie Instituut Aruba (KIA) richtte Statenlid Xiomara Maduro haar toespraak op de financiële kosten van de crisis en de verantwoordelijkheid van de regering in het veiligheidsbeheer. Volgens Maduro ging het debat niet alleen over een gevangenis, maar over de manier waarop de regering zowel de veiligheid als het geld van het volk beschermt. “Veiligheid is niet gratis, maar onveiligheid kost veel meer”, verklaarde Maduro.
Statenlid Maduro wees erop dat, volgens een officiële verklaring van de Dienst Gevangeniswezen Aruba (DGWA), de controlepoorten en bagagescanners in het KIA zijn verwijderd zonder dat er een operationeel systeem was om ze te vervangen. Volgens Maduro zorgt dit niet alleen voor veiligheidsrisico’s, maar kan het ook resulteren in extra kosten voor het volk. Daarom vroeg ze de regering om duidelijkheid over verschillende belangrijke punten: wie de beslissing nam om de apparatuur te verwijderen, of er een risicoanalyse was uitgevoerd, of er een noodplan was en of er een budget was om het beveiligingssysteem te vervangen.
Een ander punt van zorg was de mogelijkheid dat de huidige situatie tot noodsituatie zou worden uitgeroepen om dringende aankopen te doen. Maduro stelde dat een noodsituatie nooit een reden mag zijn om regels voor transparantie opzij te schuiven. Maduro vroeg ook of het de bedoeling is om een “noodcontract” af te sluiten of een “spoedaankoop” te doen en, zo ja, wat dit zou kosten en hoe wordt gegarandeerd dat het volk de beste prijs krijgt.
In het laatste deel van haar toespraak kwam Maduro terug op de werkzaamheden van de United Nations Office for Project Services (UNOPS). Ze herinnerde eraan dat Fase 0 van het project voor een nieuwe gevangenis al was afgerond met financiering uit Nederland, en dat het rapport een routekaart, een implementatieplan en een investeringsberekening van ongeveer 119 miljoen dollar bevat. Volgens het rapport zou een moderne gevangenis de operationele kosten met ongeveer 18% per jaar kunnen verlagen.
Maduro uitte haar zorg dat het Parlement, ondanks de besprekingen die de minister in Nederland heeft gevoerd met het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) en met UNOPS, de beloofde documenten nog steeds niet heeft ontvangen. Volgens Maduro heeft het volk het recht om te weten wat er concreet is veranderd na die vergaderingen en hoeveel de vertraging in de besluitvorming het volk van Aruba elke maand kost.
Statenlid Maduro concludeerde dat het volk van Aruba dubbel betaalt: voor een crisis die volgens haar voorkomen had kunnen worden, en voor een oplossing die niet opschiet. Maduro benadrukte dat gebrek aan besluitvorming altijd leidt tot extra kosten die uiteindelijk door het volk van Aruba worden betaald. “Het volk vraagt niet om wonderen. Het volk vraagt om verantwoordelijkheid, planning en transparantie. Uiteindelijk komt de rekening altijd bij het volk terecht”, concludeerde ze, terwijl ze erop aandrong dat de regering duidelijkheid moet geven over wie de verantwoordelijkheid op zich neemt voor de kosten van de huidige crisis en voor de vertraging in het actieplan van UNOPS.

