Tijdens de openbare bijeenkomst van 19 maart 2026, in aanwezigheid van de verenigde vakbonden, heb ik de noodzaak benadrukt om onze stem te laten horen in een krachtige verdediging van de waardigheid van ons land.
Ik benadrukte dat het moment is aangebroken om mooie woorden om te zetten in concrete daden: Aruba moet de Rijkswet HOFA afwijzen om de autonomie te beschermen waarvoor onze voorouders hebben gestreden. Ik heb benadrukt en onderstreept dat ik tegen CHE, COHO, RAFT was en nu ook tegen HOFA ben.
Deze positie is gebaseerd op de realiteit dat Aruba al heeft aangetoond de capaciteit en politieke wil te hebben om zijn eigen financiën te beheren en momenteel voldoet aan normen die zijn verankerd in onze lokale wetgeving en effectief functioneren.
De verantwoordelijkheid van de huidige generatie
Wij bevinden ons in een jaar waarin Aruba 50 jaar van ons volkslied en onze vlag en 40 jaar Status Aparte viert. Daarom deed ik een beroep op het geweten van mijn collega-parlementariërs. Ik heb hen opgeroepen om niet de generatie te zijn die opgeeft waar onze voorouders zo hard voor hebben gevochten, want de vrijheid van Aruba was geen geschenk, maar het resultaat van de moed van mannen en vrouwen die geloofden in onze capaciteit om onszelf te besturen.
Financiële realiteit vs. angststrategie
In deze verklaring wil ik ook toevoegen dat ik het gebruik van angst om ons te dwingen deze Rijkswet te ondertekenen categorisch afwijs. Stabiele financiële cijfers en een sterk herstellende economie zijn het levende bewijs dat Aruba zijn begrotingsbevoegdheid—het hart van onze democratie—niet hoeft over te dragen aan een orgaan dat geen verantwoording verschuldigd is aan het Arubaanse volk.
Tegelijkertijd verwees ik naar constitutionele experts zoals Elzinga en Hoogers, die al hebben gewaarschuwd dat HOFA geen tijdelijke “check-up” is, maar een reëel gevaar vormt voor een permanente verschuiving van bevoegdheden, zoals al is gebeurd op onze zustereilanden Curaçao en Sint Maarten.
Een oproep aan de coalitie
Aan het einde van mijn toespraak deed ik een oproep aan mijn collega’s in de coalitie, die de grootste partij vertegenwoordigen, om verantwoordelijkheid te nemen en een duidelijk standpunt in te nemen. Het is onbegrijpelijk dat een zo grote partij geen mening kan vormen over zo’n belangrijk onderwerp.
Tot slot wil ik zeggen wat ik door tijdgebrek niet in het parlement heb kunnen zeggen. Ik hoop dat wij samen kunnen staan en Aruba het grootste geschenk kunnen geven in dit feestjaar: de bevestiging dat wij een waardig, capabel en vrij volk zijn.
“Wij hebben deze Rijkswet niet nodig om financieel verantwoordelijk te zijn. Wij zijn verantwoordelijk omdat wij van ons land houden. Aruba heeft geen ketenen nodig, want wij kunnen het zelf!”
