Vandaag wordt met trots bekendgemaakt dat Aruba de erkenning als UNESCO Biosfeerreservaat heeft ontvangen. Deze erkenning sluit aan bij de visie die is beschreven in de Multi-Annual Corporate Strategy 2023-2032 van de Aruba Conservation Foundation (ACF). Deze strategie leidt de transformatie van de onafhankelijke organisatie van een parkbeheerorganisatie naar een organisatie voor natuurbeschermingsbeheer.
Onder de strategische pijler “Leadership in Nature Conservation” heeft ACF het behalen van de UNESCO Man & Biosphere (MAB)-status geïdentificeerd als een strategische actie. Dit moet helpen de positie van Aruba op het gebied van natuurbescherming te verbeteren, de samenwerking tussen de natuur en de gemeenschap te versterken, en duurzame ontwikkeling op nationaal niveau te stimuleren. Deze mijlpaal sluit aan bij de visie van ACF om de natuur in haar totaliteit te beheren en niet louter binnen de beschermde gebieden.
Natasha Silva, Chief Conservation Officer van ACF, merkt op dat dit een prestatie is waar we bijzonder trots op mogen zijn, vooral vandaag op Wereldmilieudag en met het oog op aanstaande maandag, wanneer wereldwijd Wereldoceaandag wordt gevierd.
Volgens Silva bevestigt deze internationale erkenning dat de natuur van Aruba een van de meest waardevolle schatten van ons eiland is. “Onze natuur vormt een deel van onze identiteit, ondersteunt ons welzijn en is diep verbonden met de toekomst van Aruba”, zo verwoordde zij het. Silva benadrukte echter dat Aruba ook te maken heeft met verschillende milieu-uitdagingen, waaronder het verlies van natuurlijke leefgebieden, druk op de beperkte natuurlijke hulpbronnen en de toenemende impact van klimaatverandering. Volgens Silva is de UNESCO-erkenning geen kant-en-klare oplossing voor alle uitdagingen, maar biedt het wel een duidelijke koers en een structureel kader voor Aruba om te blijven werken aan behoud en duurzaamheid.
Een belangrijk aspect van deze erkenning is volgens ACF dat Aruba nu wordt gezien als een volledig samenhangend systeem, inclusief landoppervlakken, kustzones en mariene gebieden. “Natuur kent geen grenzen”, legde Silva uit. “De beslissingen die we voor heel Aruba nemen, hebben directe invloed op de gezondheid van onze leefomgeving.”
Het concept van een Biosfeerreservaat nodigt Aruba uit om verder te kijken dan alleen beschermde gebieden en om ecologische, sociale en economische overwegingen te integreren in hetzelfde nationale debat. Volgens Silva zal de volgende belangrijke stap het ontwikkelen van een beheerplan zijn, dat dit proces in samenwerking met verschillende belanghebbenden en de gemeenschap zal sturen.
De Aruba Conservation Foundation gaf aan dat de erkenning tevens nieuwe kansen biedt voor wetenschappelijk onderzoek, internationale partnerschappen, toegang tot fondsen en kennisuitwisseling. Dit sluit rechtstreeks aan bij diverse initiatieven die de Arubaanse overheid en lokale partners de afgelopen jaren al in gang hebben gezet, waaronder herbossingsprojecten en natuurherstel op Aruba, evenals de oprichting van het Aruba Marine Park.
Silva concludeerde met de nadruk op het feit dat de kansen die het UNESCO Biosfeerreservaat biedt, ook verantwoordelijkheid met zich meebrengen. “Aruba moet toewijding aan duurzaamheid blijven tonen door middel van actie, monitoring, zorg en verantwoord beheer op de lange termijn”, aldus Silva.
Volgens ACF is deze internationale erkenning een herinnering dat de bescherming van Aruba’s natuurlijke erfgoed een gedeelde verantwoordelijkheid is van de overheid,
