Tijdens een recente uitwisseling met het technische Secretariaat van de
Sociaal-Economische Raad (SER) van Curaçao stond de rol van gedragsverandering binnen toekomstig
recyclingbeleid centraal. In dit kader presenteerde Myrthe George-Verhulst haar onderzoek en
programma “Plastic recycling op Curaçao – Van afvalprobleem naar gedragsoplossing”.
In haar toelichting schetste George-Verhulst de urgentie van de situatie: de landfill bereikt naar
verwachting binnen vijf tot acht jaar haar maximale capaciteit, terwijl het afvalvolume blijft toenemen door
bevolkingsgroei, consumptie en toerisme. Tegelijkertijd wordt momenteel slechts een beperkt deel van
het plastic daadwerkelijk gerecycled.
Voor de SER vormt deze problematiek een belangrijk aandachtspunt binnen de bredere advisering over
duurzame ontwikkeling, leefbaarheid en economische weerbaarheid van Curaçao.
George-Verhulst benadrukte dat de kern van het probleem niet primair een gebrek aan infrastructuur is,
maar een gebrek aan structureel gedrag: in 2026 wordt de recyclingcapaciteit uitgebreid van zeven naar
twaalf recyclecentra. Zonder gerichte gedragsverandering zal deze uitbreiding echter niet automatisch
leiden tot substantieel meer recycling.
Het gepresenteerde programma is gebaseerd op gedragswetenschappelijk onderzoek, waaronder een
ACDR-analyse (Architecture, Competence, Drivers, Resistances) van de Behavior Change Group,
observaties bij recyclecentra en een kwantitatieve survey onder inwoners van Curaçao. De conclusie is
helder: de meeste mensen willen wel recyclen, maar ervaren te veel praktische drempels,
onduidelijkheid, gebrek aan routine en onvoldoende vertrouwen in het systeem.
Het programma vertaalt deze inzichten naar één geïntegreerd gedrags-ecosysteem met 65 concrete
interventies, opgebouwd rond vijf pijlers: recyclen extreem makkelijk maken; twijfel wegnemen; recyclen
koppelen aan vaste routines; trots en identiteit activeren; en systeemvertrouwen versterken via
transparantie
Voor de SER is dit vraagstuk relevant omdat het niet alleen een milieukwestie betreft, maar raakt aan
meerdere sociaaleconomische beleidsterreinen waarvoor de Raad een adviserende verantwoordelijkheid
draagt. Het afvalprobleem raakt de leefbaarheid van woonwijken, de toeristische aantrekkelijkheid van
het eiland, internationale duurzaamheidsverplichtingen en de reputatie van Curaçao als investerings- en
vestigingslocatie. Daarnaast vraagt de implementatie om publiek-private samenwerking, co-financiering
en bestuurlijke borging – onderwerpen die direct aansluiten bij de adviserende rol van de SER.
George-Verhulst riep op tot gezamenlijke verantwoordelijkheid en structurele samenwerking tussen
overheid, bedrijfsleven, maatschappelijke organisaties en onderwijsinstellingen om recycling op Curaçao
tot de nieuwe sociale norm te maken.
“De vraag is niet óf we moeten handelen,” aldus George-Verhulst, “maar hoe snel we gezamenlijk bereid
zijn dit duurzaam te realiseren.”
De SER benadrukt dat dergelijke onderzoeksinzichten waardevolle input vormen voor toekomstig advies
over afvalbeleid en gedragsinterventies, waarbij sociale dialoog en samenwerking tussen publieke en
private partijen essentieel zijn.
